Ruud Bik: "Niet iedereen hoeft altijd omhoog op de carrièreladder"
14-07-11 - Ruud Bik maakte zich als korpschef van het KLPD hard voor de komst van Co Hoogendoorn als directeur politie. “Ik wilde hem er graag bij hebben. Hij is een uitstekend politieman, iemand met echt hart voor het politiewerk en een enorme vakkennis”, vertelt hij. Hij vindt niet dat mensen altijd omhoog moeten op de carrièreladder. Wat hij wel belangrijk vindt: “Het gevoel hebben dat je op je kracht wordt aangesproken.” Eerder publiceerden we hierover een interview met Hoogendoorn: Demotie heeft de toekomst.

Hoe kwam u op het idee om Co Hoogendoorn te vragen?
Bik: “Op het moment dat hij in zijn functie bij de vtsPN crashte heb ik lang met hem gesproken. Ik zei hem dat ik hoopte dat hij bij de politie op een interim-functie aan de slag kwam. Ik wilde me daar ook hard voor maken.”
Vond u dat u dat de politie dat aan hem verplicht was?
“Natuurlijk moet je zo goed mogelijk met elkaar omgaan. Maar daar ging het niet om. Ik vond gewoon dat we de kwaliteiten van Hoogendoorn goed konden gebruiken binnen de politie. De reden dat ik hem een paar maanden later vroeg om bij ons te komen, was dat hij een probleem kon oplossen. Onze vorige directeur politie vertrok en het duurt bij de politie soms wel negen maanden voor een vacature weer is vervuld. Zo lang wilde ik niet wachten.”
Was het ook niet een beetje lastig om leiding aan hem te geven? Uiteindelijk was hij als directeur en als korpschef gewend eigen baas te zijn.
“In het geheel niet. Er is me wel een keer gevraagd of ik het geen probleem vond dat hij de insignes van hoofdcommissaris bleef dragen. Maar waarom zou dat een probleem moeten zijn? Hij heeft die titel van hoofdcommissaris gewoon verdiend. Er is niemand die het idee heeft dat er bij het KLPD twee kapiteins op een schip zitten.”
Had u het gevoel dat hij aanpassingsproblemen had?
“Alles hing af van de manier waarop Co zelf invulling gaf aan zijn rol. En vanaf de eerste dag had hij dat prima gedaan. De rest van de korpsleiding vindt dat ook. Daarom hebben we hem gevraagd of hij na de interim-periode wilde blijven. Je merkt dat het voor hem geen stap terug is om vooral operationeel bezig te zijn. Hij heeft het gevoel in zijn kracht te worden aangesproken.”
Is het geen idee om een soort flexpool te maken? Met de vorming van de Nationale Politie zullen er leidinggevenden zijn die hun positie zien verdwijnen.
“Ik sta achter de gedachte dat mensen niet altijd alleen maar omhoog moeten op de carrièreladder. Het is belangrijk om kwaliteit en ervaring vast te houden. Het is toch in de eerste plaats een kwestie van doen. Je moet het dan hebben van de kracht van het idee. Een lichte voorziening, maar kijk uit om er meteen een structuur aan te verbinden. Dan gaat het gesprek daar weer over.”
Zou u zelf het voorbeeld van Hoogendoorn volgen?
“Ik weet niet hoe mijn loopbaan verder gaat. [red: Inmiddels is bekend dat Bik lid wordt van de korpsleiding Nationale Politie, maar ten tijde van dit interview was dat nog niet bekend.] Voorlopig heb ik het naar mijn zijn in mijn huidige baan. Maar hier gaat wel op: practice what you preach. Ik fantaseer ook wel eens over een baan als wijkagent en dan ergens met veel problemen. Of dat ik voor de klas ga staan als docent OLL of TLL. Ik kan me ook andere functies voorstellen. Zolang ik maar het gevoel heb op mijn kracht te worden aangesproken.”
Meer informatie
Lees ook het interview met Co Hoogendoorn: Demotie heeft de toekomst.
