Leen Schaap in Ghana: "Bij twijfel inhalen"
06-04-11 - In Amsterdam, waar Leen Schaap districtschef is, wonen ongeveer vijftienduizend Ghanezen legaal. In een poging de contacten met de gemeenschap te verbeteren, is het korps een samenwerkingsverband aangegaan met de Ghanese politie. Die contacten leveren echter nog onvoldoende op.
Daarom koos Schaap een passende opdracht. “Ik ging onderzoeken of - en hoe - we de relatie met de Ghanese gemeenschap konden verbeteren en waarom het niet lukte om Ghanese collega’s te werven. Dat ze in Ghana een soort verbasterd Engels spreken, zou de communicatie vergemakkelijken.”
Leerwerkopdracht Top-POINT
Eigenlijk wilde hij in het kader van leerwerkprogramma Top-POINT in Suriname voortborduren op de opdracht van deelnemer Erik-Jan van der Hulst, maar de regeringswisseling gooide roet in het eten. De situatie was er niet naar om als Amsterdamse commissaris in Paramaribo te werken aan een officiële opdracht. Hoe dan ook wilde Schaap naar een onderontwikkeld land met een totaal andere cultuur. Het werd Ghana.
Zak geld
Via internet en e-mail zocht Schaap contact met de overheid in Ghana. Dat viel tegen. Áls er al een reactie kwam, werd duidelijk dat niemand op zijn komst zat te wachten. “Tenzij ik een zak geld meebracht…,” vertelt Schaap. “Via kennissen zocht ik daarom contact met Ghanezen in de Bijlmer. Een mooi eerste leermoment. Deze gastvrije mensen vertelden me over hun geboorteland en wat ik er vooral wel en vooral niet moest doen. Ze bevestigden dat ik kansloos was als ik het alleen officieel wilde regelen. In overleg met mijn korps en Top-POINT ben ik toch gegaan. Ik kreeg een paar namen en adressen, liet voor de eerste dagen een hotel boeken en vertrok.”
Achterdocht
“Tja, en dan sta je daar,” blikt Schaap terug. “Met een lege agenda in een veel te westers hotel. Dit kon niet het echte leven zijn. Na even acclimatiseren ben ik verhuisd naar een hostel in een volkswijk in Accra. De kakkerlakken liepen door mijn slaapkamer, maar ik zat waar ik wilde zitten: midden in het Afrikaanse stadsleven. Allereerst meldde ik me bij het hoofdbureau van politie en zei dat ik de hoofdcommissaris wilde spreken. Wat me vanuit Nederland niet lukte, lukte hier; uit pure nieuwsgierigheid werd ik uitgenodigd voor een gesprek met leden van de korpsleiding. Ze beloofden me plechtig dat ik het korps mocht leren kennen en dat ze me zouden helpen. Ik heb echter, zelfs na aandringen, nooit meer wat van ze gehoord.”
Veel corruptie
De hoofdcommissaris had een gelikt verhaal. Dat het een prachtig, eerlijk en integer korps was met vertrouwen van de bevolking. Schaap: “Het bevestigde dat ik niks zou leren als ik het officieel zou hebben geregeld. Want de corruptie bij de politie in Ghana heb ik meermalen aan den lijve ervaren. Ook ik moest betalen bij verkeerscontroles – collecting money noemen ze dat ongegeneerd. Anders mocht ik niet doorrijden. ‘Waarom?’ vroeg ik. ‘Omdat het weekend is,’ was soms het enige antwoord. En het wantrouwen van de bevolking in de richting van de politie is juist enorm! Op een dag liep ik over het strand en ik rook ineens iets vreemds. In de duinen ontdekte ik een lijk, in redelijke staat van ontbinding. Ik ging meteen een hotel binnen en zei het tegen de portier. ‘Niet naar de politie gaan’, zei hij meteen. ‘Ze vinden hem vanzelf wel. Als jij het meldt, ben je de eerste verdachte.’ Exemplarisch.”
Bij twijfel inhalen
“In mijn kennismaking met het land heb ik steeds het motto gehanteerd: bij twijfel inhalen. Met als achterliggend idee: if it does not kill you, it makes you stronger. Via Amnesty International kwam ik in contact met een belangrijk voorvechter van homorechten: McDarling. Op homofilie staat in Ghana vier maanden gevangenisstraf. McDarling nam me op een avond mee naar een gay hangout. In diep en donker Accra. Ik heb ervaren hoe het voelde om elk moment opgepakt te kunnen worden. Geen idee hoe ik dat uit had moeten leggen. Maar ja, ‘bij twijfel inhalen’ had ik tegen mezelf gezegd, en ik wilde die ervaring niet uit de weg gaan.”
Helpen is geen strafbaar feit
“Het wantrouwen in de eigen politie is niet de belangrijkste reden dat we nog geen Ghanese collega’s hebben. Dat leerde ik in het gebied van de Ashanti; een volk met eigen koning en grondgebied. Negentig procent van de Ghanezen in ons land zijn Ashanti. Het is van oudsher een cultuur van handelaren die snel veel geld willen verdienen en geen overheidsbemoeienis willen. Fraude en illegaliteit zijn in hun ogen geen strafbare feiten, maar middelen om elkaar te helpen. Ik zag de spagaat al in Nederland: tijdens je werk moet je je eigen mensen oppakken voor zaken die zij niet als misdrijf beschouwen en buiten je werk leef je tussen hen.”
Begrip
“Ik ben heel nuchter. Omdat ik bewust heb gekozen voor die acht weken in Ghana, had ik ook geen last van eenzaamheid, onthechting of heimwee. Als mens ben ik dan ook niet veranderd door mijn reis. Maar natuurlijk heb ik wel veel over het land, de mensen en mijzelf geleerd. Ik heb ervaren hoe het is om ergens de enige blanke te zijn. Hoe het is als mensen van alles van je willen en jij hen niet altijd begrijpt. En ik snap nu waar het gedrag van veel Ashanti-Ghanezen vandaan komt. Ik heb er geen begrip voor, maar ik begrijp het wel. Vanuit deze positie ga ik binnenkort mijn korps en het RMT voeden met mijn ervaringen.”
Download
Download het boekje ‘Grenzen vallen weg, politieleiders vertellen’, waar dit artikel onderdeel van uitmaakt. Deze uitgave van Politietop Divers bevat ervaringsverhalen van politieleiders die op diverse manieren kennis hebben gemaakt met de internationale dimensie aan het politiewerk.
