Inge Philips: Warm kloppend hart voor veiligheid
Na jarenlang teamhoofd bij de AIVD te zijn geweest, ging Inge Philips als Politieraad naar Parijs. Bij terugkomst kreeg ze een stageplaats bij het KLPD en was drie maanden toegevoegd lid van de districtsleiding in Gouda. Van april tot september 2011 is ze toegevoegd lid van de dienstleiding van IPOL. Ze benoemt overeenkomsten en verschillen tussen AIVD en politie, en schetst de plussen en minnen van Politietop Divers.
Tot 2007 was u teamhoofd bij de AIVD. Hoe zag dat eruit?
“In die tijd was een team van de AIVD van A tot Z verantwoordelijk voor alle niveaus van het proces, van het definiëren van het staatsbelang tot en met het vertalen in operationele doelen en het uitvoeren daarvan. Het soort veiligheid waar ik me voor inzette, was vrij abstract en soms zelfs hypothetisch. Stel: je kijkt in de kwestie over massavernietigingswapens wél naar Irak, maar niet naar Iran, dan weet je nooit wat het effect is van niet investeren in dat andere land. Je opereert op een terrein van grote onzekerheden, die je probeert te reduceren. Dat vind ik fascinerend. Dat zou ik bij de politie ook graag zien: beter opereren in een onzekere omgeving.”
Zijn er voor werken in zo’n omgeving bijzondere persoonlijke vaardigheden nodig?
“Ja, waardevrij waarnemen bijvoorbeeld, dingen zien zoals ze zijn. En accepteren dat je gevaar nooit 100% afdekt. Ook moet je risico’s durven nemen. De politieke context heeft grote invloed, het definiëren van staatsbelang hangt daar nauw mee samen. De uitdaging is om niet in politiek vaarwater te belanden. Dat vind ik een prachtig spanningsveld.”
Ziet u overeenkomsten tussen de AIVD en de politie?
“Een warm kloppend hart voor veiligheid. AIVD’ers hebben net als politiemensen een radar in hun hoofd die scant op risico’s. Organisatorisch zie ik ook overeenkomsten. De geslotenheid naar buiten maakt dat het binnen een warm bad is. Dat heeft ook mindere trekjes, zoals de mantel der liefde, waardoor minder goed functionerende collega’s lang ongecorrigeerd blijven werken. De scherpte naar buiten maakt het naar binnen minder zakelijk. Kritiek wordt bijna automatisch persoonlijk opgevat. Die sterke onderlinge verbondenheid is de basis voor het werk en is zeer waardevol. Dat moet niet veranderen, maar je moet je er wel rekenschap van geven.”
Op welke punten werkt de AIVD anders dan de politie?
“De AIVD moet de inzet van middelen intern verantwoorden, zonder inmenging van de officier van justitie. De verantwoordingsprocessen zijn intern goed afgewogen en zwaar opgetuigd. Dat moet ook, omdat er geen directe externe toets is, of hooguit pas na de feiten. Bij de politie is juist die externe toets zwaar, bij handhaving en bij opsporing. Gaat er iets mis, dan zou dat ook kunnen komen door een meningsverschil tussen OM en politie of tussen openbaar bestuur en politie. Bij de AIVD moet je het zelf doen. Vergelijk het met de spoorwegpolitie: bij een situatie in de trein sta je er alleen voor. Bij de AIVD is dat ook zo, maar dan in het groot.”
Wat was de aanleiding voor u om bij de politie te komen?
“Na tien jaar AIVD werd het tijd om mijn horizon te verbreden, ik had behoefte aan werken aan meer concrete veiligheid. Door de AIVD ben ik voor de politie en het openbaar bestuur gedetacheerd in Parijs. Van een afstand kon ik de werking van de binnenlandse veiligheidsarena bekijken. Daar zag ik de relativiteit van het middel inlichtingen en ontdekte ik de politie als een formidabele actor in dat domein. Ik ben anders naar de politie gaan kijken.”
Na intensieve stages en een paar concrete kansen bent u er nog niet in geslaagd een aanstelling in de politie te bewerkstelligen. Reikt de kracht van Politietop Divers nog niet ver genoeg?
“Politietop Divers is belangrijk. Het werken op verschillende sporen is heel goed. Ik merk daarvan zeker de invloed, want er zijn veel deuren opengegaan en er is oprechte belangstelling voor andersdenkenden. Er wordt veel vooruitgang geboekt, mensen komen veel meer open te staan voor beelden van buiten. Er ontstaat een genuanceerder beeld van diversiteit. Het gaat niet zozeer over man-vrouw of een kleurtje: de inhoudelijke diversiteit is veel belangrijker, accepteren van een andere aanpak, een andere manier van denken en doen. In veel lagen is daar ruimte voor, er zijn veel mensen die graag zijinstromers naast zich willen.
Toch zie ik dat in de meest kwetsbare processen de voorkeur voor mensen uit de eigenbloedgroep erg sterk blijft. Afwijken van het vertrouwde wordt vaak beschouwd als risico terwijl de hele wereld om ons heen in rap tempo verandert. Zo komen zij-instromers op niet cruciale plekken in de organisatie terecht en dat kan weer een oppervlakkige opvatting van diversiteit in de hand werken of versterken.
Het zit ook in mijzelf: ik zoek kwetsbare processen op. Zo zit ik in elkaar: ik ben niet voor niets bij de BVD gaan werken. Ik druk op gevoelige plekken en roep soms weerstand op. Ik verzet me daar niet tegen, ik blijf mezelf. Wel deel ik er mijn gedachten over en daar ben ik open in. Ik vertrouw erop dat het ergens neerdaalt en bijdraagt aan een sterkere politie.”
16 mei 2011 geplaatst in de rubriek Mijn carrière > Successen.
