HR-scan Diversiteit: Diversiteit in beeld
In opdracht van: Ministerie van Sociale Zaken
Datum: februari 2007
Auteurs: drs. J. van der Wolk, dr. S. de Vries
Samenvatting
Met de HR-scan diversiteit die TNO heeft ontwikkeld kan het gevoerde HR-beleid gescreend worden. Het instrument helpt bij het vaststellen welke onderdelen van het huidige HR-beleid positief werken voor diversiteit, welke onderdelen hinderen, en wat er beter kan. Zo geeft de organisatiescan van TNO een algemeen beeld van wie er in de organisatie werken
De HR-scan Diversiteit geeft een diagnose, een foto van de organisatie. Deze momentopname vormt een goed uitgangspunt voor verdere activiteiten. Met de uitkomsten van de scan kan worden vastgesteld welke aanpassingen van het HR-beleid nodig of wenselijk zijn. Zo kan optimaal gebruik gemaakt worden van de diversiteit op de arbeidsmarkt en in het personeelsbestand van de organisatie.
Doel en opzet
De HR-scan Diversiteit is in te zetten door organisaties, bedrijven en instellingen in alle sectoren bij vragen over hoe het HR-beleid zo kan worden vormgegeven dat het gericht kan omgaan met diversiteit.
Wat doet de organisatiescan?
De bedoeling van deze scan is om de groep zich bewust te laten worden van de opbouw van zijn organisatie en de groep de discussie te laten voeren wat de winst van diversiteit en gelijke behandeling voor de organisatie is. Het is een beeldvormend instrument dat helpt om vast te stellen hoe de organisatie ervoor staat ten aanzien van gelijke behandeling en diversiteit.
Hoe werkt de organisatiescan?
De werkwijze is als volgt: u doorloopt met een volledige groep (bestaande uit managers, P&O-ers, OR-leden of een mix daarvan) de drie beschreven stappen; het gaat om het beeld dat uit de discussie naar boven komt. Het is niet nodig gedetailleerde cijfers bij P&O te halen of het sociaal jaarverslag ernaast te houden. Dat mag wel natuurlijk, maar het voegt nauwelijks iets toe aan de uitkomst van de scan. In de eerste stap komen algemene vragen aan bod als: Hoeveel mannen en hoeveel vrouwen werken er in de organisatie? Hoeveel mensen werken er in de organisatie met een niet-Nederlandse achtergrond en hoeveel met een Nederlandse achtergrond? In de tweede stap is het de bedoeling om schematisch de organisatiestructuur te tekenen en daarbij de verschillende lagen in de organisatie af te beelden. Vervolgens wordt gediscussieerd rond vragen als: Wie werken er in deze lagen? Welke kenmerken hebben deze lagen? Welke dwarsverbanden zijn er te zien? Wanneer alle categorieën zijn uitgewerkt kan men overgaan tot de derde stap. Hier is het de vraag of men daar tevreden is over het diversiteitbeeld dat in stap 1 en 2 naar voren is gekomen of dat er veranderingen wenselijk zijn. Wat zou het de organisatie kosten of opleveren als er een andere opbouw nagestreefd zou worden? Wat levert het op als de verdeling anders zou zijn?
Wat kan de organisatie met de resultaten?
Na afronding is de opbouw, het 'plaatje' van de organisatie zichtbaar gemaakt. Er is nu zicht op de structuur van de organisatie en een beeld over de mensen die er werken.
