Demmers en Goldsmits: blauwe zij-instromers
10-09-2010 - Van een topfunctie in het openbaar bestuur naar een topfunctie bij de politie. Binnenlands Bestuur schrijft dat Letty Demmers, korpschef van de politie Zeeland, en Marlies Goldsmits, plaatsvervangend korpschef van de politie Limburg-Zuid, weten wat er bij die overstap komt kijken. Beiden stapten na een lange carrière in het openbaar bestuur over naar de politie. Demmers was voor haar overstap naar de politie burgemeester van de gemeente Best en Goldsmits gemeentesecretaris in Sittard-Geleen.
De politietop diverser maken
Volgens het blad was toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Ter Horst er veel aan gelegen om de top van de politie diverser te maken: meer vrouwen, meer allochtonen. Speciale programma’s als Politietop Divers en ‘Portfolio verbreden’ moesten kandidaten van buiten over de streep trekken om hun kansen eens te wagen bij de politie. Het samenwerkingsprogramma ‘Politietop Divers’ mikt op de instroom en het behoud van meer vrouwen en allochtonen in leidinggevende functies bij de politie. Eén van de middelen daartoe is portfolioverbreding: korpsen kunnen bovenformatief kandidaten enkele maanden tot een jaar laten rondkijken in een leidinggevende functie. Daarna dienen de kandidaten te solliciteren op een reguliere vacature.
Resultaten eerste twee jaar
In de eerste twee jaar van het programma hebben 40 kandidaten deelgenomen: 28 vrouwen en 12 mannen. Van hen zijn 24 interne doorstromers en 16 externe instromers. Op 1 mei waren 17 trajecten afgerond, dit heeft geleid tot 11 benoemingen, onder wie Goldsmits en Demmers. Inmiddels hebben ze ongeveer 1 jaar ervaring opgedaan op hun nieuwe werkstek. Hieronder enkele citaten uit het interview met beide dames.
Wel of geen streefcijfers
Demmers: “Het idee erachter bevalt me, dat je de politietop diverser maakt door ander bloed binnen te halen. Ik ben er echter niet zo vóór om dat in getallen uit te drukken, 30 procent meer vrouwen, 20 procent meer allochtonen, dat werk.”
Goldsmits: “Ik deel die aarzeling, al zeg ik er wel bij: juist door die streefgetallen te noemen is er wél iets in beweging gekomen.”
Geen excuustruus
Goldsmits: “In een gesprek met de korpschef heb ik ook nadrukkelijk gevraagd: wil je écht iemand van buiten? Ik heb gezegd: ik ben géén excuustruus! Ik wil niet dat mensen gaan denken dat ik word binnengehaald om maar te voldoen aan de quota van Ter Horst. Tijdens die gesprekken voelde ik me echter welkom. Ook voelde ik dat het korps de verbinding naar de buitenkant miste, dat ze niet goed wisten hoe om te gaan met het bestuurlijk gremium.” “Het bevalt me heel goed. Als persoon gaf het me een boost dat ik helemaal in onzekerheid moest gaan staan. Ik doe niets meer op de automatische piloot, ik sta weer helemaal op scherp.”
Je een jaar verdiepen zodat je weet waar je terechtkomt
Demmers: ‘Ik was herbenoemd voor een tweede termijn als burgemeester toen ik werd gepolst over een overstap. En ik dacht: ik zit nu 15 jaar in het openbaar bestuur, 3 jaar als wethouder en 12 jaar als burgemeester, en ik zou het eigenlijk best fijn vinden om met die bagage eens te gaan werken bij een organisatie waar ik veel affiniteit mee heb opgebouwd.” “Ik zat goed geworteld, had een mooie baan, en moest dat verruilen voor een portie onzekerheid. Het BZK-programma Portfolio Verbreden geeft je de kans je 1 jaar lang te verdiepen in de politiewereld, maar je weet niet waar je uiteindelijk terechtkomt en in welke functie. Als je het programma hebt doorlopen, mag je solliciteren op een vacature, maar je bent dan niet de enige, er kan een betere kandidaat tussen zitten. Je moet dus wel echt ambitie hebben voor zo’n stap. Mensen zeggen tegen mij: er is moed voor nodig.”
Politie te veel naar binnen gekeerd
Demmers: “Ik heb het ongelofelijk naar de zin, het bevalt me prima om een nieuwe rol te spelen in dat brede spectrum van partners waar ik me erg in thuis voel. Wel ben ik verrast door de onwetendheid binnen de politie van wat de andere partners als gemeente, jeugdzorg, reclassering beweegt. De politie is te veel naar binnen gekeerd.”
Goldsmits: “Ik zeg tegen al mijn districtschefs: lees de coalitieprogramma’s van de lokale politiek in je gebied eens. Ga eens bij een raadsvergadering zitten. Wéét wat er binnen het bestuur speelt. Het besef dat de gemeenteraad een belangrijke arena is voor de politie, is er niet echt. Ook niet hoog in de politieorganisatie.”
Doe-mentaliteit versus traagheid gezag
Demmers: “Ik ben een doener, maar heb in de loop der jaren wel geleerd hoe belangrijk het is om even achterover te leunen. Nu, bij de politie, draag ik in het korps dus de boodschap uit: zorg dat je je burgemeester in positie houdt. Wat is het probleem aan de andere kant? Hoe werkt het in de politiek?”
Goldsmits: “De spanning tussen de doe-mentaliteit van de politie en de traagheid van het gezag, dat is ook wel nieuw voor mij. Een politieman snapt bijvoorbeeld niet altijd dat er bij de gemeente soms eerst nog een adviescommissie naar moet kijken.”
Typische mannenwereld?
Goldsmits: “Het is een organisatie met zware mannelijke cultuur elementen, maar er is wel ruimte om het ronder te maken. Daar is lef voor nodig, maar het kan wel. Een voorbeeld? Processen-verbaal worden op een bepaalde manier doorgenummerd. De vraag is: hoe overtuig je mensen dat het ook zínvol is om het zo te doen? Een vrouw heeft wat meer aandacht voor het ‘hoe’.”
Demmers: “Ik zit in een luxepositie, mijn plaatsvervangend korpschef is ook een vrouw. Ik krijg terug vanuit de organisatie dat er meer aandacht is voor mensen. Als iemand ziek is even bellen, een kaartje sturen. Vragen: ‘Hoe gaat het?’, niet alleen ‘Wat heb je gepresteerd?’. Dat wordt als een vrouwelijke eigenschap vertaald. Al ben ik ervan overtuigd dat mannen die eigenschap net zo goed hebben.” “Maar het is wel een masculiene organisatie. Als je ergens binnenkomt, kijken ze altijd meteen naar je schouder: hoeveel strepen? En mij zegt het, eerlijk gezegd, he-le-maal niks.”
Meer informatie
Lees het hele interview op de site van Binnenlands Bestuur.
